hier ga je kleine en grote tips weer vinden van onze dierenarts 

 

 

CONTACTGEGEVENS

GSM :0499 38 30 88

E-mail : henri.lambrecht@hotmail.com

Adres : Rijksweg 202, 8710 Wielsbeke

 

30.07.2019

HOE HERKEN JE OVERVERHITTING?

Honden houden ook wel van lekker weer, maar kunnen minder goed tegen de warmte dan wij. De kans op oververhitting is aanwezig en dat is niet alleen gevaarlijk, maar kan zelfs dodelijk zijn! Waar moet je opletten bij warme dagen en wat moet je doen als je hond oververhit is?

Waarom raken honden snel oververhit?

Honden kunnen niet zweten zoals wij mensen om warmte kwijt te raken en af te koelen en daarom is de kans op oververhitting groter. Ze hebben een vacht die isolerend werkt en kunnen hun koeling alleen maar regelen door te hijgen en raken ze de warmte kwijt via hun tong en een beetje via hun pootjes (voetzooltjes).

Let extra op bij platsnuiten (Mopshonden, Bulldogs, Boxers etc.), pups en oudere honden, want deze hebben extra risico op oververhitting!

“In een auto kan de temperatuur al binnen 10 min. stijgen naar 50/60 graden, ramen op een kier zetten of in de schaduw parkeren helpt niet!”

Hoe herken je oververhitting bij je hond?

Lichaamstemperatuur boven de 39 graden (normaal: 38-39)
*Warm aanvoelen
*Overmatig hijgen
*Veel kwijlen
*Braken
*Sloom worden, beweegt traag en lijkt uitgeput
*Weigert op te staan
*Weinig tot zelfs geen honger
*Binnenkant oren/lippen voelen te warm aan
*Slijmvliezen zijn rood
“Als de lichaamstemperatuur boven de 42 graden komt veranderen de eiwitten en de celstructuren van het bloed, waardoor het dik en stroperig wordt en het hart het bloed niet goed kan rondpompen. De hond zal in coma raken en overlijden”

Wat moet je doen bij oververhitting?

- Verplaats je hond naar een koele plek in de schaduw of in huis en laat daar je hond geleidelijk afkoelen. Je kunt dit doen door hem te bedekken met een natte handdoek. De koude natte handdoek kun je het beste op zijn buik leggen, hier is minder vacht en liggen de bloedvaten dichter onder de huid.
- Je hond nat maken, helpt alleen tijdelijk. De vacht gaat broeien en kan zo juist de temperatuur weer verhogen.
- Neem ook even meerdere keren de temperatuur op om het verloop hiervan in de gaten te houden.
- Ga niet met ijskoud water koelen, want hierdoor vernauwen de haarvaten en wordt het nog moeilijker de warmte kwijt te raken. Bij een oververhitte hond kan dit ook tot een hartstilstand leiden.
- Geef je hond ook wat water te drinken en kijk of hij reageert, bij wil komen en normaal gaat hijgen.
- Neem intussen contact op met je dierenarts voor advies en ga als je hond is bijgekomen, voor controle bij hem/haar langs voor een eventuele verdere behandeling.

Hoe kun je oververhitting voorkomen?

ZOEK VERKOELING IN DE SCHADUW

- Laat je hond NOOIT achter in je auto, de temperatuur kan in de stilstaande auto binnen 10 minuten stijgen naar 50/60 graden! Je ramen op een kier zetten of parkeren in de schaduw helpt niet!
- Ook tenten, benches en schuurtjes kunnen erg warm worden, dus laat ze daar ook niet achter.
- Zorg voor veel schaduw en vers water om te drinken. Dit moet altijd beschikbaar zijn!
- Zorg voor een koele plek in huis, geef bijvoorbeeld toegang tot de badkamer of zet een ventilator of airco aan.
- In je tuin kan je met een schelpen/kinderbadje voor verkoeling zorgen, vul het met een laagje water en laat ze pootje baden, via de voetzooltjes zorgt dit voor verkoeling van het hele lichaam.
- Heel koud water kan voor een shock zorgen, gooi niet opeens een plens met heel koud water over hem heen. Zorg dat het water op temperatuur is en laat je hond zelf kiezen om te pootjebaden of niet. Overigens helpt het helemaal nat maken alleen maar even, daarna kan de vacht gaan broeien en warmer aanvoelen dan na de plens met water.
- Laat je hond niet op asfalt of hete straatstenen lopen. Vooral de temperatuur op asfalt kan heel snel hoog oplopen en de pootjes verbranden. Voel met je hand 7 sec. het asfalt en je hebt al gauw genoeg door of het te heet is. Je kunt je hond dan beter op gras uitlaten, controleer na de wandeling voor de zekerheid toch de onderkant van zijn pootjes. Je kan je hond ook speciale schoentjes aan doen, maar dit moet je van te voren aanleren.
Let op met het meenemen van je hond naar het strand overdag. Het zand kan ook snel te heet worden voor de pootjes. Zorg voor voldoende zoet water en schaduw en wees kritisch of je hond dit ook echt leuk vindt!
- Ga niet hardlopen, fietsen of heel lang wandelen boven de 20 graden, het is beter om deze activiteiten te laten voor een andere dag. Maak liever een rustige wandeling op die tijdstippen, dan hoef je tussen de middag alleen maar even een korte potty break te geven.
- Ligt je hond graag te bakken in de zon? Sommigen vinden dit heerlijk en gaan op tijd de schaduw opzoeken. Maar blijf je hond goed in de gaten houden en wees op dat moment verstandig dat als het te lang duurt je hond zelf op een koele plek te leggen, sommige lijken door het dutten “de tijd te vergeten”, ze hebben niet zelf door natuurlijk dat het gevaarlijk kan zijn. Honden die de volle zon blijven opzoeken, kan je wellicht beter even binnen houden.
- Rem je hond op tijd af, sommige honden blijven maar spelen en rennen, zeker als ze met andere honden zijn. Doe dit door bijvoorbeeld je hond aan te lijnen en door niet met een bal te gaan spelen.
- Pootje baden is een heerlijke afkoeling voor je hond, let wel op dat je zeker weet dat je hond kan zwemmen en dat het zwemwater schoon en veilig is. Laat je hond niet fanatiek zwemmen of ballen/stokken apporteren, ondanks het koele water kan je hond oververhit raken.
- Ga je hond niet scheren, zijn vacht werkt isolerend en houdt dus ook de warmte tegen. Zeker rassen met dubbele vachten regelen daardoor hun temperatuur. Mocht je twijfelen of je hond toch een trimbeurt nodig heeft of omdat jouw ras wel getrimd moet worden, maak dan een afspraak bij een gediplomeerde trimmer en vraag om zomer advies!
- Let op voor verbranding van de huid bij honden met een korte, zeer dunne of witte vacht. Ook kale/roze plekjes, neuzen, ruggetjes, oortjes kunnen verbranden, smeer die plekken in met zonnebrand.

Bron: theanimalnanny.nl

22.07.2019

DIEREN EN WARM (HEET) WEER 


Dieren hebben tijdens warme dagen extra aandacht nodig. Ook zij hebben last van de hitte. Met enkele tips kan je je dier helpen de hitte te trotseren. Belangrijk is om voor verkoeling te zorgen en inspanningen te vermijden.

SCHADUW EN VENTILATIE
Zorg dat je dier steeds verkoeling of de schaduw kan opzoeken.
Verplaats vogels-, knaagdieren- en konijnenkooien naar een plaats waar het koel is. Leg eventueel een nat laken over het hok om het af te koelen. Zorg ervoor dat de dieren zelf in de schaduw kunnen zitten.
Zorg voor voldoende ventilatie in stallen en hokken.
Landbouwhuisdieren zoals paarden, ezels, schapen en geiten hebben beschutting nodig zoals bomen of een schuilhok. Een metalen container is ongeschikt als huisvesting op warme en koude dagen.
VERS DRINKWATER
Bij warm weer eten dieren minder en drinken ze veel meer. Zorg daarom voor voldoende drinkwater. Hou er rekening mee dat het water snel verdampt. Voorzie daarom extra drinkbakken die niet kunnen worden omgestoten.
Ververs het water minstens 2 keer per dag.
Om het water koel te houden, kan je er ijsblokjes in doen of de drinkflessen even in de diepvries steken. Het water mag echter ook niet te koud zijn. Ijskoud water is namelijk niet gezond.
Geef landbouwhuisdieren en paarden ook een zoutblok om verloren mineralen door zweten terug aan te vullen.
Als de dieren een automatische drinkpomp hebben, controleer dan geregeld de werking.
EEN BADPLAATS
Voor kleine dieren kan het voldoende zijn om een schaal water of een (modder)plas te voorzien. Zorg dat duiven, kippen en andere vogels zowel kunnen baden in een lage schaal water als een stofbad kunnen nemen.
Voor grote dieren loont het om een poel in de weide aan te leggen, als je daar de ruimte voor hebt. Om te vermijden dat de dieren verdrinken zorg je voor een gemakkelijke in- en uitgang. Maak de poel niet te diep zodat de dieren kunnen liggen of rollen. Een poel kan het gehele jaar dienst doen maar bij vriesweer plaats je best een omheining zodat dieren niet door het ijs kunnen zakken.
BESCHERMING TEGEN VERBRANDING
Ook dieren kunnen verbranden vooral als ze een witte of lichte vacht hebben. De gevoelige plaatsen zijn de rug, oren en neus: de oren van katten, puntoren van honden, de rug en oren van varkens, witte neuzen van paarden, ezels, koeien en schapen. Gebruik een zonnebrandcrème met factor 30 of meer. Voor honden en katten bestaat speciale zonnebrandcrème die niet giftig is. Test de crème eerst op een klein stuk huid om te zien of het dier niet allergisch is.
Ook de voetzolen zijn gevoelig. Heet asfalt en straatstenen veroorzaken brandwonden. Laat je hond dus nooit uit op hete asfalt of tegels lopen.

TRANSPORT
Laat je dier nooit alleen achter in een auto! Zelfs bij relatief milde buitentemperaturen of op een schaduwrijke plek loopt de temperatuur in de auto razendsnel op.
Vermijd transport in de hitte. Ga je toch de baan op, voorzie dan verkoeling en voldoende drinkwater.
VERMIJD OVERVERHITTING
Oververhitting kan je herkennen als de dieren er vermoeid of levenloos uitzien. Vaak houden ze de bek of snavel open en hijgen ze. Honden en katten met een korte snuit zijn extra gevoelig aan oververhitting.
Breng het dier direct in een koele omgeving en maak de onderkant van het dier nat met lauw water of leg het dier op een frisse, natte handdoek. Je kan ook de poten en buik afspoelen met lauw water.
Gebruik geen te koud water, want dan gaan de bloedvaten dicht zodat de overtollige warmte niet weg kan. Voorzie koel drinkwater en laat het dier iedere paar minuten een klein beetje drinken.
Raadpleeg een dierenarts als het na enkele minuten niet beter gaat met het dier.

Maatregelen per diersoort
Honden
Smeer honden met een dunne vacht in met zonnecrème.
Geef een koelmatje of koelhalsband.
Vermijd een muilkorf. Dit belemmert het hijgen van de hond waardoor hij zichzelf niet kan verkoelen.
Vermijd wandelen op asfalt, zand of tegels. Door de hitte kunnen de voetzolen verbranden. Veiliger is het om te wandelen in het gras of in de vroege morgen of late avond, wanneer de temperaturen gedaald zijn.
Doe waterspelletjes met je hond of geef hem zijn eigen zwembadje. Let er op dat de hond niet te veel water binnen krijgt, dit kan leiden tot watervergiftiging.
Verwen je hond met verfrissende snoepjes zoals yoghurt, groenten en fruit. Veel honden vinden meloen heerlijk. Geef nooit druiven of avocado want deze zijn giftig voor honden.
Katten
Gebruik zonnebrandcrème op een dunne en/of witte vacht.
Laat natvoer niet urenlang staan. Dit kan namelijk snel bederven bij hoge temperaturen.
Maak je handen nat en strijk een paar keer over de vacht om je kat te verfrissen.
Knaagdieren
Zet de kooi op een frissere plaats.
Voorzie enkele koude stenen waar de dieren op kunnen gaan liggen om af te koelen.
Als het hok een plastic bodem heeft, kan je er koelelementen onder plaatsen. Zorg ervoor dat de dieren ook nog niet-gekoelde plaatsen hebben om te zitten.
Laat restjes eten niet liggen zodat het niet kan bederven.
Leg een nat wit laken over een buitenhok.
Laat je knaagdier binnen lopen op een koude ondervloer.
Vogels
Zet de kooi op een frissere plaats.
Kippenhokken, volières,.. kan je afschermen met een parasol of wit (nat) laken.
Plaats nestkastjes en schaaltjes water voor wilde vogels.
Weidedieren
Door de hitte droogt de weide uit en daalt de voedingswaarde van het gras. Als je de weide niet kan besproeien, geef je extra ruwvoer en vitaminen en mineralen.
Als de stal lichtkoepels of doorzichtige dakplaten heeft, dan kan je deze afdekken met donkere dekens. Zo blijft het een stuk koeler. Vermijd transport bij hoge temperaturen.
Ga niet paardrijden op de warmste momenten van de dag.

Bron: huisdierinfo.be

02.07.2019

Heb je beslist om je huisdier mee op reis te nemen? Dan is een goede voorbereiding cruciaal om samen zorgeloos en veilig te kunnen genieten. Het is namelijk zo dat er heel wat ongedierte en parasieten rondkruipen of rondspringen op onze aardbol. En die hebben het allemaal gemunt op jouw trouwe viervoeter. Daarom is het belangrijk om je hond optimaal te beschermen voordat je je koffers pakt. Neem op tijd je voorzorgen en contacteer ons.

Reizen met een hond, kat of fret vanuit België naar een ander EU-land en terug

Om met uw huisdier vanuit België naar andere lidstaten van de Europese Unie te kunnen reizen, moet u aan een aantal voorwaarden voldoen:

Identificatie en registratie

Uw huisdier moet geïdentificeerd zijn (chip). Daarnaast moet uw huisdier ook een Europees paspoort hebben. Vanaf 29 december 2014 mag alleen nog het nieuwe model worden gebruikt. De oude paspoorten die voor deze datum werden afgeleverd, blijven wel gelden.

Vaccinatie tegen hondsdolheid (rabiës)

De vaccinatie tegen rabiës is verplicht. Dit kan vanaf de leeftijd van 12 weken, maar uw huisdier moet wel geïdentificeerd zijn. De dierenarts kan indien nodig ook vlak voor de vaccinatie nog de identificatie uitvoeren en een Europees paspoort afleveren. De eerste of primovaccinatie moet minstens 21 dagen voor de afreis gebeuren, omdat de geldigheidsduur pas dan begint te lopen. De dag van de vaccinatie telt niet mee. De geldigheidsduur wordt berekend volgens de instructies van de fabrikant, en ingeschreven in het paspoort van het dier. Als het dier binnen de geldigheidstermijn opnieuw wordt gevaccineerd, dan geldt die vaccinatie onmiddellijk. Een vaccinatie na afloop van deze termijn wordt als een primovaccinatie beschouwd.

Andere voorwaarden

Voor reizen naar het Verenigd-Koninkrijk, Ierland, Finland en Malta is ook een behandeling tegen de worm Echinococcus multilocularis vereist. Die moet ten vroegste 120 uur en ten laatste 24 uur vóór de geplande binnenkomst in één van deze lidstaten gebeuren, en in het paspoort worden ingeschreven.

Reizen met dieren jonger dan 3 maanden

Dieren die jonger dan 12 weken zijn, en niet (geldig) gevaccineerd tegen rabiës, worden niet in alle lidstaten toegelaten.

Vakantie tips

 1) Vergeet niet het Europese dierenpaspoort mee te nemen (handig en verplicht). Vraag ernaar bij je dierenarts.
2) Muggen zijn vooral actief bij zonsopgang en -ondergang. Gebruik een ventilator, muggengaas of muskietennet om je huisdier te beschermen.

3) Een zonnesteek is geen pretje, ook niet bij dieren. Laat je viervoeter op het heetst van de dag dus niet onbeschermd op het strand liggen. Zorg voor voldoende koeling, schaduw en drinkwater.
4) Voer je hond op normale tijdstippen, ondanks het andere levensritme op reis. Voorzie ook voldoende drinkwater, poepzakjes en het favoriete speeltje.
5) Trek je erop uit met auto? Geef je hond altijd een veilige plek in de wagen, bv. in een reiskennel of -kooi. In Duitsland is een speciale hondengordel zelfs verplicht.
6) Onderzoek je hond elke avond grondig op teken. Ontdek je er? Verwijder ze dan zo snel mogelijk met een speciale tekentang.
7) Informeer het hotelpersoneel op voorhand over de aanwezigheid van je huisdier. Ga ook na of je hond in de eetzaal toegelaten wordt.
8) Zorg ervoor dat je huisdier te identificeren is via een chip en laat deze registreren. Honden moeten ook verplicht gevaccineerd zijn tegen rabiës.
9) Voorkom oververhitting aan laat je hond nooit alleen achter in de wagen.
10) Een compacte EHBO-kit is onmisbaar op reis, niet alleen voor mensen, maar ook voor dieren (vraag raad aan je dierenarts).

Bron: Happypets /  www.dierenartslambrecht.be 

 

29.05.2019

Dodelijk hondenvirus rukt op in ons land: “Als vaccinaties niet in orde zijn, loopt het dier gevaar”

Het voor honden dodelijke parvovirus, ook wel gekend onder ‘honden tyfus’, is volgens sommigen bezig aan een opmars in ons land. Het virus werd eerst vooral aan de Duitse grens gesignaleerd, maar er zijn nu ook gevallen in Bergen, Luik en Charleroi gemeld. Professor Hans Nauwynck waarschuwt: “Als de vaccinatie niet correct is, loopt de hond gevaar.”

In Charleroi, Luik en Bergen zijn de afgelopen weken verschillende gevallen gemeld van het parvovirus. Enkele honden zijn intussen ook bezweken aan de ziekte. Anderen zijn opgenomen in een dierenkliniek. Een asiel in Quaregnon (Henegouwen) nam al maatregelen om infecties te vermijden. Bezoekers moeten met hun voeten eerst door een ontsmettingsbak voor ze het asiel binnen mogen. En momenteel mogen ze de honden in hun hokken ook niet strelen.

Volgens Hans Nauwynck (UGent), viroloog in de dierengeneeskunde, moeten we in Vlaanderen niet te snel ongerust zijn voor een epidemie, maar blijft het wel een gevaarlijk virus. “Als een hond correct is gevaccineerd op 5, 8 en 12 weken en er ook een titerbepaling is geweest (kijken of het dier de juiste antistoffen heeft red.), hoeven eigenaars zich geen zorgen te maken. Ik weet dat veel dierenartsen die vaccinaties ook correct toepassen, maar soms kunnen mensen daar wat laks in zijn. Helaas is er ook een groeiende groep die zijn honden niet wil vaccineren of zo laat mogelijk, en dan krijg je wel problemen”, waarschuwt Nauwynck. “Toch is het bijzonder onverantwoord om een pup niet te vaccineren, het gaat hier echt om dierenwelzijn.”

Ook de omgeving van een dier met het parvorvirus moet volgens de professor met de grove middelen gedesinfecteerd worden. “Parvo is probleem nummer één van de hond. We moeten wel degelijk wakker liggen van het virus, het is afkomstig van de kattenziekte. Het is gemuteerd in de jaren 80, quasi resistent en moeilijk te behandelen. Toen zijn er veel dieren aan gestorven. Het is niet noodzakelijk dodelijk als een dierenarts er snel genoeg bij is en als de hond wat ouder is. De symptomen zie je ook snel: braken, diarree met bloed en dehydratie.”

Voorlopig zijn er in Vlaanderen nog geen gevallen gemeld.

Door Nina Bernaerts (nieuwsblad) 

 

 

23.05.2019

Hoe oud is mijn poes en hond nu echt?

HOE OUD IS MIJN POES NU ECHT?

Leeftijd katten en leeftijd van de mens vergeleken
De vergelijking van 1 jaar dierenleeftijd met 7 jaren mensenleeftijd gaat niet op. Een kat van 1 jaar oud kan al een nest kittens hebben, terwijl dat voor (mensen)kinderen van 7 jaar gelukkig nog lang niet aan de orde is.

In onderstaande tabel staat de katten-leeftijd naast de vergelijkbare leeftijd bij de mens. Je kunt ook zien wanneer we een kat echt bejaard gaan noemen.

Katten bereiken gemiddeld een hogere leeftijd dan honden. Een tabel met de leeftijd van honden in vergelijking met mensen staat op deze pagina.
Voor katten kan men ervan uitgaan dat een kitten van 3 maanden overeenkomt met een kindje van 2 jaar, een kat van 1 jaar met een jongere van 18 en een kat van 10 jaar met een menselijke zestiger. Als uw kat tenslotte 18 jaar wordt, is hij in mensenjaren een 80-jarig oudje!

HOE OUD IS MIJN HOND NU ECHT ?

Deze kaart geeft je een volledig overzicht van de leeftijd van je hond in mensenjaren. De oranje cirkel staat voor kleine rassen, licht bruin voor middelgrote en donker bruin voor hele grote. Vroeger rekenden we voor het eerste jaar daadwerkelijk één jaar, voor ieder volgend jaar telden we zeven jaar erbij. Deze berekening klopt niet omdat pups veel sneller ontwikkelen, een pup van maanden komt overeen met de kleuterperiode van de mensen en een pup van 3 maanden is al te vergelijken met een kind die net naar de lagere school gaat. Een pup wordt dus sneller ouder dan wanneer hij volwassen is.
Er wordt ook gekeken naar de grote van hond. Grotere honden leven meestal niet zo lang en worden dus sneller oud. De levensverwachting voor de Deense dog bijvoorbeeld is maar acht jaar, een vier jaar oude Deense dog is dus al flink in de dertig is.

 

 

 

 

21.05.2019

Na regen komt... de slak 🐌. Aan alle hondenliefhebbers: let op, want het opeten van slakken of zelfs het oplikken van het slijmspoor kan je hond infecteren met de larven van de longworm. Deze parasiet is levensbedreigend voor de hond 🐢 Raadpleeg je dierenarts voor de juiste ontworming!
Slakkenkorrels zijn ook geen goed idee, ze zijn dodelijk voor honden πŸ™
De longworm is niet schadelijk voor de mens.

 

 

05.04.2019

Van maart t.e.m. oktober is de teek het meest actief! De teek leeft graag in struiken, bomen en gras (maar ook in de duinen, parken en tuinen). Niet enkel dieren maar ook mensen kunnen besmet worden door een tekenbeet. Goed controleren is de boodschap!

BRON : Henri Lambrecht

 

 

05.04.2019

HOE KAN JE JE HOND DOELTREFFEND SOCIAAL GEDRAG AANLEREN? 

Hoe kan je je hond gepast socialiseren zodat hij je gezin graag heeft, bezoekers toelaat, geen katten achternazit op straat en toch het huis verdedigt tegen inbrekers en zijn baasjes beschermt tegen aanvallers?

Stel dat je hond van mensen maar niet van honden houdt, of omgekeerd. Hij communiceert goed met andere honden en volwassenen, maar hij loopt weg van kleine kinderen of hij valt hen aan. Je hond is gesocialiseerd met je gezinsleden, maar hij blaft naar bezoekers. Je hond hield van iedereen als pup, maar sinds hij ouder is, heeft hij alleen nog jezelf en je gezinsleden graag...

 

Een inherent sociaal wezen


De hond is een sociaal wezen uit noodzaak, dat gehecht is aan zijn “gezin”. Hij leeft niet graag alleen, hij heeft gezelschap nodig. Bovendien stamt hij af van sociale, samenwerkende hondachtigen. Dit wil zeggen dat de verschillende leden van een roedel samenwerken voor het algemeen welzijn van de groep.

Een hond is gesocialiseerd wanneer hij in staat is om te communiceren in zijn groep van mensen en honden. Hij is sociaal wanneer hij actief het gezelschap van jezelf en je gezinsleden opzoekt. Een hond is afhankelijk wanneer hij niet meer kan leven zonder een ander levend wezen in de buurt en wanneer hij gestresseerd raakt wanneer er niemand is.

Sinds enkele duizenden jaren transformeerden we de hond van een groepsdier in een sociaal en afhankelijk dier. Door de meest aanhankelijke honden te selecteren, veranderden we de genen van de hond zodat hij afhankelijker werd. Plotseling verdraagt een hond het niet meer om alleen te zijn.

 

De verschillende socialisatiefases


Als er een genetische basis is voor het sociale karakter van een hond, dan moet hij ook leren met wie te communiceren en aan wie zich te hechten. Hij kan dit heel zijn leven leren, maar vooral wanneer hij tussen de 3 en de 4 maanden oud is. Tot hij 4 maanden oud is, bevindt de hond zich immers in een sociale leerperiode. Dit heeft te maken met de ontwikkeling van verbindingen tussen neuronen in de hersenen. In die periode ontwikkelt de hond sociale concepten en leert hij wie hond, kat of mens is. Het eerste is niet moeilijk: het volstaat om regelmatig in contact te komen met zeven morfologisch verschillende types honden: slank, gedrongen, met een korte kop, met kort of lang haar, enzovoort.


Weten wie mens is, is moeilijker te begrijpen omdat dit een regelmatig contact vereist met meer dan vijftig verschillende morfologische types: mannen, vrouwen, baby’s, Afrikanen, Europeanen, met of zonder hoed of paraplu, in een rolstoel, etc. En die verwerving gebeurt maar deels. De meerderheid van de honden herkent mannen, vrouwen, kinderen,... als verschillende soorten die weinig te maken hebben met het concept mensheid. Aan dieren wennen gebeurt op dezelfde manier als aan mensen wennen: het proces is niet volmaakt en bovendien wordt het vergeten als het niet wordt onderhouden door regelmatig positief contact.

 

Desocialisatie tijdens de adolescentie


Zelfs al werd de pup gesocialiseerd met veel honden, mensen, katten en elk ander levend wezen dat hij maar kan ontmoeten en zelfs al heeft de pup iedereen graag, toch is de socalisatie ooit af. In de adolescentie nemen de genen het namelijk over en verliezen honden hun sociale vaardigheden: dit gebeurt een beetje, heel veel of helemaal. Vooral waakhonden (of aanvalshonden of Mondioringhonden) hebben de neiging om zich fel te desocialiseren: hun sociale omgeving wordt eenvoudiger, meer zwart-wit: gezinsleden versus niet-gezinsleden. En hun reacties veranderen navenant: niet-gezinsleden: ik val aan; gezinsleden: ik hou mij in en ik probeer niet te bijten.

Maar alle honden worden deels minder sociaal tijdens hun adolescentie bij bepaalde groepen honden of mensen. Ze worden xenofoob, ze houden van hun “gezin” en minder van vreemden. Door die desocialisatie schiet de hond in de verdediging en verdedigt hij zijn sociale groep, zijn baasje(s) en zijn (hun) territorium tegen vreemden, tegen elk onbekend individu (hond of mens) die hij onaanvaardbaar acht.


Dit proces is onvermijdelijk omdat het genetisch is. De genen die verantwoordelijk zijn voor die desocialisatie en xenofobie, zijn moeilijk te neutraliseren. De neutralisatie ervan is enkel mogelijk door de hond medicatie te geven voor zijn adolescentie en zodra de eerste tekenen van angst of agressie tegenover onbekenden opduiken. De socialisatie die gebeurt voor de hond 4 maanden oud is, beschermt weinig tegen de desocialisatieperiode die begint wanneer hij 4 maanden oud is en soms redelijk laat wanneer hij 18 maanden oud is. Als er enkele weken gewacht wordt om dit genetische probleem aan te pakken, kan het vaak al te laat zijn.

 

Hersocialisatie voor het leven...


De hond blijft heel zijn leven sociaal, maar dit vereist vriendschappelijke en speelse ontmoetingen met veel honden, mensen, katten, enzovoort. Het proces verschilt van hond tot hond: hoe hij socialiseert met een ander wezen, hoe hij vrienden maakt. Hij doet dit echter niet voor alle wezens van dezelfde soort, hetzelfde type of hetzelfde uiterlijk. Als je wil dat je hond na de adolescentie weer wordt zoals voordien, namelijk de pup die iedereen graag had ongeacht wie of wat was, dan moet je hem zijn hele leven blijven socialiseren. Dag na dag, constant werkend aan zijn sociale vaardigheden.

 

Maar de hond kan niet meer communiceren


Studies van kruisingen tussen honden en wolven tonen aan dat de hond nu 50 % van zijn sociale vaardigheden verloren heeft. De hond is sociaal gehandicapt. Hij spreekt en begrijpt geen honds meer, of de houdingen, gebaren, geuren en klanken van andere honden en daarom reageert hij niet op een gepaste manier. Dit is genetisch bepaald en kan enkel veranderd worden door een lang en repetitief hersocialisatieproces.

 

Een sociale hond in een georganiseerde groep


Verplicht in groep leven heeft zo zijn voordelen omdat een groep competenter is bij het zoeken naar voedsel dan een hond alleen. Het voedsel wordt onderling ook gedeeld met de minderbedeelden van de groep, maar dat heeft ook nadelen. Soms is er immers niet veel eten dat kan worden gedeeld. Een hond moet aan voedsel raken en sociale conflicten beheren zonder de partner te verwonden en tegelijkertijd moet hij zijn respect voor een toekomstige samenwerking behouden. We behandelen de sociale organisatie van honden in het volgende artikel.

 

Hoe kan je je hond dan op een gepaste manier socialiseren?


Als je een sociale hond wil, kies dan een volwassen hond die reeds gesocialiseerd is. Indien je voor een puppy kiest, neem er dan een van sociale ouders. De pup erfde immers hun genen en ze zijn zijn rolmodel na zijn adolescentie. Socialiseer je pup of je hond door herhaalde ontmoetingen met mensen, honden en andere dieren. Verbied en stuur elke vorm van asociaal gedrag bij (predatie, agressie,...). En nu maar hopen dat hij sterke sociale genen, geen xenofobie of afhankelijkheid (overhechting) en een goede sociale intelligentie heeft!

 

BRON ;

Joël DEHASSE

Gedragsdierenarts

04.04.2019 

KAT EN HOND KAN DAT GOED GAAN?

“Ze gedragen zich als kat en hond”:
wie dit spreekwoord hoort vermoedt dat katten en honden niet vaak de beste vrienden zijn. Maar wat is er waar in de mythe dat katten en honden gezworen vijanden zijn? Waar kan het tot misverstanden leiden? Zijn er mogelijkheden om een kat en hond in hetzelfde huishouden te houden en kunnen de dieren dan gelukkig worden?
Ben je een kattenpersoon of heb je liever een hond als viervoetig familielid? Voor veel dierenvrienden is deze vraag niet zo makkelijk te beantwoorden. Zij zijn immers precies dat: dierenvrienden. En als zodanig houden ze van katten én honden. Ze houden van de onafhankelijkheid van de kat en de loyaliteit van de hond. Moet je ook kiezen tussen het houden van een kat en een hond? Het goede nieuws is: nee. De ervaring van veel dierenliefhebbers laat zien dat honden en katten goede metgezellen kunnen worden. Echter vereist dit een goede socialisatie van de dieren, alsmede een geduldige gewenningsperiode.
Een kwestie van evolutie?
Kat en hond zijn evolutionair gezien zeer ver van elkaar verwijderd: honden behoren tot de ‘Canoidea’, de hondachtigen. Tot deze groep behoren niet alleen de wolven, maar ook beren en zelfs walrussen. Deze zijn nauwer verwant met onze hond dan de kat is… Deze behoort tot de ‘Feloida’, de katachtigen. Had je verwacht dat jouw hond nauw verwant is met een walrus? Nee? Nou, dan is het ook niet verwonderlijk dat de vriendschap tussen kat en hond in eerste instantie wat hulp nodig heeft.
Waarom katten en honden zo verschillend zijn
Heb je ooit van het gezegde ‘honden hebben baasjes, katten hebben personeel’ gehoord? In feite zit er in dit citaat van Kurt Tucholsky veel waarheid. Honden begeleiden ons mensen al sinds 100.000 jaar. Destijds hielden onze voorouders, toen nog jagers en verzamelaars, wolven in hun buurt en temden ze deze wolven. Er werd gezocht naar relatief tamme, weinig agressieve wolven, deze werden met elkaar gekruisd. Het fokken van de moderne huishond is geboren – en dat zonder fokreglementen en tentoonstellingen! De viervoetige metgezellen waren altijd nuttig, ze dienden bij de jacht, als trekdier en als beschermer van huis en haard. Vandaag de dag is de hond nog veel meer, hij heeft zich opgewerkt tot een volwaardig familielid.
De mens zocht niet speficiek naar wilde katten in hun nabijheid.
Integendeel, de kat trad vrijwillig toe tot de mensen – de graanschuren en pakhuizen van de mensen beloofden met zwermen muizen en ander ongedierte een waar culinair feestje voor de jagende kat! Als snel besefte men dat katten meer waren dan plagen. Ongeveer 9.500 jaren geleden begonnen ze de vierbenige jager te temmen. De gezamelijke geschiedenis van de hond en de mens overtreft die van de mens en de kat met ongeveer 90.000 jaren… Dit verandert niets aan het feit dat vandaag de dag de katten de beste vrienden van de mensen zijn. De hond hebben ze echter niet uit het huishouden van hun ‘dozenopener’ verdrongen.
Waarom sloot de hond zich gemakkelijker aan bij de mens?
Waarom liet hij zich africhten, zelfs wanneer hij in eerste instantie geen rechtstreeks voordeel uit het leven met een mens haalde? Honden zijn roedeldieren. Ze leven, jagen en eten in familieverband. In tegenstelling tot katten, die ‘alleenstaande’ jagers zijn. De leeuw is de enige bekende katachtige die in een groep jaagt. Kleine katten jagen en leven voor het grootste gedeelte alleen. De reden ligt bij de prooigrootte van de kat. Een muis of vogel zijn vaak net maar één hapje. Tijdens een gezamenlijk jacht tussen met verschillende dieren zal de prooi verdeeld moeten worden – hier zou niet genoeg overblijven voor iedereen. Deze manier van leven heeft ook effect gehad op het sociale gedrag van een kat: sluit je individuele katten maar eens samen op in een gesloten ruimte of laat naburige katten elkaar ontmoeten in de tuin en er onstaat in tegenstelling tot hondenroedels geen duidelijke rangorde. Wie er wel of niet de overhand heeft is in de kattengemeenschap afhankelijk van tijd en plaats. Zijn katten individualisten? Niet noodzakelijk. Wilde katten overleefden vaak samen in losse groepen samen, de Europese Wildekat voeden daarom ook vaak hun kittens gezamenlijk op. Het leven van een huiskat onderscheidt zich daarnaast van dat van een wilde kat. Katten zijn actieve dieren die uitgedaagd willen worden. Ze zijn zeer flexibel en kunnen zich snel aanpassen aan nieuwe situaties en deze eigen maken. Het leven met de mens is daarentegen vaak eentonig en saai, vooral voor huiskatten… Hierdoor hebben veel huiskatten graag een dierlijke medebewoner!
Toch zijn het nog steeds alleenstaande jagers. Honden zoeken actief naar soortgenoten in hun buurt, of die van de mens.
De lichaamstaal van de kat en hond
Honden en katten tonen zo een verschillend sociaal gedrag. Dit heeft ook effect op hun lichaamstaal, die is gebasseerd op duizenden jaren oude instincten en gewoonten.
Wij mensen kunnen geleerd hebben dat een enthousiaste kwispeling van de hondenstaart ‘vriendelijk’ is en het onderscheiden van het geïrriteerde zwepen van een kattenstaart. Katten en honden reageren echter instinctief. ‘Vreemde talen’ leren is moeilijk voor hen. Je moet eerst ervaren dat het bij honden of katten als medebewoners om andere soorten gaat, die anders communiceren dan hun soortgenoten. Terwijl honden in staat zijn om door middel van specifieke gezichtsuitdrukkingen te communiceren, is het gezicht van een kat relatief onbeweeglijk. Katten communiceren door middel van staartbewegingen en de oren of ogen. Deze fijne signalen kunnen gemakkelijk over het hoofd worden gezien – van kat en hond! Katten miauwen overigens voornamelijk bij de communicatie met mensen, voor de communicatie tussen katten worden spraakklanken waarschijnlijk niet gebruikt.
Een hond gebruikt duidelijkere signalen die begrepen kunnen worden door een hele roedel, of door mensen. Een kat interpreteert dit vaak anders, omdat hun lichaamstaal precies tegenovergesteld werkt. Terwijl een kwispelende hondenstaart vriendelijkheid betekent, signaleert een opzwepende kattenstaart juist agressie. Datzelfde geld voor de bekende borstelstaart van de kat, die vaak gepaard gaat met een boog: een kat die de vacht op zijn staart spreidt en naar boven steekt wil groot en gevaarlijk overkomen. Hij reageert op een bedreiging. Net zo als bij de hond is staren een teken van dominantie. Katten ervaren dit als onverdraaglijk. Een toevallig knipoog geeft echter aan dat de kat je vriendelijk gezind is. Een in de omgang met katten ongetrainde hond (of mens) kan deze gebaren snel verwisselen, over het hoofd zien of negeren.
Voeg daarbij een bepaald grootteverschil: de doorsnee hond is veel groter dan de doorsnee kat. Een vriendelijk likje of een stoot met zijn poten als een motivatie voor het spel wordt snel beschouwd als een agressieve aanval door de kat.
Vriendschap stichten
Kat en hond tonen een totaal verschillende lichaamstaal. Toch kunnen beide goede huisgenoten worden, wanneer ze tijd en rust krijgen om elkaars taal te leren en correct te interpreteren. Bij de gewenning van de individuele karakters komt ook de communicatie kijken. Hier heb je vooral veel geduld voor nodig! Hoe voorzichtiger je het aanpakt, hoe groter het succes. Een haastige socialisatie leidt vaak tot fouten. De eerste indruk is ook bij dieren cruciaal en staat het negatieve beeld van de andere dieren eenmaal in het geheugen, dan is het moeilijk om nog een positief resultaat te bereiken…
Het makkelijkste is om de dieren op zeer jonge leeftijd te laten wennen. Jonge dieren hebben over het algemeen nog weinig negatieve ervaringen meegemaakt. De bekendheid over het familielid van de andere soort mag in eerste instantie zeldzaam zijn, over het algemeen staat het beeld van ‘slechte hond’ of ‘bazige kat’ nog niet vast. Oudere dieren kun je ook samen laten leven, afhankelijk van eerdere ervaringen, maar dat is moeilijker. Er zijn absoluut katten die houden van honden, of honden die katten echt geweldig vinden! Maar er zijn ook honden die regelmatig stoten van een kattenpoot gehad hebben en katten die regelmatig een blokje om zijn gejaagd door de hond. En soms zijn vooroordelen en walging ook bij individuen, die nooit praktijkervaring met andere dieren hebben gehad, stevig ingeprent.
Praktische gids
Laten we beginnen. Honden zijn vaak gemakkelijker te trainen dan katten – je moet ook als eerste vaste regels voor jouw hond opstellen. Katten zijn vrienden. Ze mogen niet opgejaagd worden – zelfs tijdens het lopen op het gras of in het voorbijgaan aan de tuin van de buren. Hoe eerder je jouw hond duidelijk hebt gemaakt dat katten zowel geen prooi als vrijanden zijn, hoe sneller deze les wordt herinnerd. Afhankelijk van hoe vriendelijk de hond katten benadert, hoe makkelijker het samenvoegen zal zijn. Jij kent jouw hond het beste, jij hebt hem opgevoed en een bepaalde manier van belonen geleerd. In ieder geval kan lof wonderen doen wanneer de hond zich correct gedraagd – het maakt niet uit of het nu met een clicker of traktaties gaat!
Katten bijbrengen dat honden vijandig noch gevaarlijk zijn is vaak moeilijk. Maar zelfs onafhankelijke katten kunnen worden opgevoed! Probeer elk contact met een hond te belonen en met iets positiefs te verbinden. Dat kan een zachte streling zijn, wanneer de kat een vreemde hond door het raam ziet, of een traktatie als de kat rustig op zijn plek blijft zitten terwijl een onbekende viervoeter langskomt.
Nu gaat het als voorbereid. Hoe beter de voorbereiding is, hoe succesvoller de socialisatie zal zijn! Bij het daadwerkelijk samenvoegen van honden en katten in huis moeten beide dieren in eerste instantie hun eigen ruimte, en de mogelijkheid, om zich terug te trekken hebben. Het eenvoudigste is meestal het scheiden in twee verschillende kamers. De eerste dagen zullen de dieren nauwelijks contact hebben. Je draagt dekens en speelgoed van kamer naar kamer, verwisselt tussendoor de slaapkussens, hierdoor geeft je de kat en de hond de mogelijkheid om te wennen aan de geur van een vreemd dier. Je kunt jouw kat bijvoorbeeld zachtjes strelen met een doek en deze later aan de hond geven.
Als het gaat om het werkelijke, persoonlijke contact tussen de dieren is het raadzaam om een tweede of derde persoon bij te hebben. Hier moet het in ieder geval gaan om mensen die vertrouwd zijn met beide dieren en waardoor ze zich niet bedreigd voelen! Meestal is de kat qua fysiek ondergeschikt aan de grotere hond. Houd de hond bij het eerste contact ook aan de riem. Afhankelijk van het temperament van de hond kun je ook een rolllijn gebruiken. De kat moet altijd de mogelijkheid hebben om zich terug te trekken. Een hoge krabpaal of een kattenbed op de kast of een boekenplank biedt een rustplaats die de meeste honden niet kunnen bereiken. Hier zal de kat zich veilig voelen. Hierdoor kan de kat het grote, blaffende gezelschap van boven aanschouwen en zich ervan verzekeren dat hij eigenlijk niet zo gevaarlijk is als het op het eerste gezicht lijkt. Zorg ervoor dat je jouw kat in geen geval in een doos opsluit, waar ze zich zeker voelt – zonder vluchtmogelijkheid voelt de kat zich angstig en bedreigd. Dat geldt natuurlijk ook voor de hond. Hij moet in geen geval het gevoel hebben dat hij concurrentie heeft van de kat. In de komende maanden moet je genoeg waarde hechten aan het feit dat de dieren elkaar genoeg ruimte moeten geven. Een kattenbak is geen plaats om hondenspeelgoed te begraven. Ook het eten van de ander zou taboe moeten zijn... Eventueel is het het gemakkelijkst om beide dieren gescheiden te voeren, zodat er geen rivaliteit voorkomt. Daarnaast moeten beide dieren genoeg tijd met je genieten. Knuffel jouw dier overtuigend – zo hebben ze niet het gevoel dat ze iets te kort komen!
Soms geldt er één stap vooruit en twee achteruit. Om eventuele problemen te voorkomen moet je beide dieren eerst alleen laten, wanneer ze aan elkaar gewend zijn en geen tekenen van agressie vertonen. Afhankelijk van het karakter en de eerdere ervaringen van het dier kan dat dagen of weken duren. Geef niet op en houd in het achterhoofd dat er geen tijdsdruk is. De dieren worden meer ontspannen naar mate jij ontspannen bent.
Maar alsnog ‘als kat en hond’
Toch: ondanks de beste voorbereiding en oneindig geduld werkt het soms niet. Zelfs bij het samenvoegen van twee honden of katten passen de karakters simpelweg soms gewoon niet bij elkaar of is er een persoonlijke afkeer. Misschien mogen jouw dieren elkaar simpelweg niet. Misschien heeft de kat niet het geduld om zich in te laten met een hond. Misschien kan jouw hond maar niet vergeten dat rennende katten zo’n groot jachtobject zijn Of misschien is een van de twee dieren gewoon jaloers. Wees eerlijk over twijfels tegen jouw dieren en jouw gezin. Mocht de samenvoeging niet hebben gewerkt, zelfs na enkele maanden of komt het tot verwondingen, is het tijd om los te laten en te zoeken naar alternatieven. Maak een persoonlijke beslissing: is de droom van een harmonieus huishouden met kat en hond realistisch of moet je het heroverwegen? Kan een gedragstherapeut helpen, heb je nog geduld om andere manieren te proberen? Dit is een persoonlijke overweging die niemand anders voor je kan nemen. We zijn er zeker van dat je de juiste beslissing maakt voor jezelf en jouw dieren!
Wij wensen je al het goede voor het samenvoegen van uw kat en hond!
BRON : zooplus.nl

29.01.2019 Bron Henri Lambrecht (vtm)

 

Wij hebben het koud, maar ook onze huisdieren kunnen last ondervinden van het vriesweer. Hoe beschermen we onze dieren tegen de koude en is dat wel altijd nodig? Wij vroegen het aan specialisten.

Honden

Leeft je hond binnen en maak je een wandeling in de sneeuw of bij vriesweer, dan check je achteraf best de pootjes van je huisdier. Er kan sneeuw en ijs tussen de tenen blijven zitten, in het bijzonder bij langharige honden. Dat kan pijnlijk zijn als het te lang blijft zitten. Na een wandeling spoel je ook best de pootjes van je hond af zodat er geen strooizout aan blijft hangen. Bij kortharige honden kan je overwegen om hen een jasje aan te doen

Het is soms moeilijk om aan te voelen wanneer je hond het koud heeft. Wanneer je hond normaal niet rilt en dat nu wel doet, heeft hij het vermoedelijk te koud en moet je hem naar een warmere plaats brengen. Maar het belangrijkste is om je hond buiten in beweging te houden. Zorg ervoor dat je wandelt of speelt met je hond wanneer die buiten is, zodat hij niet afkoelt.

Katten

Katten beslissen doorgaans zelf wanneer ze binnen of buiten willen. Maar zorg er dan ook voor dat ze bij dit weer binnen kunnen wanneer ze dat willen. Zet je je kat normaal gezien buiten voor je gaat werken, kies er bij dit weer dan bijvoorbeeld voor om dat niet te doen.

Gaat het om een zwerfkat die je verzorgt, of heb je geen andere optie dan je kat geruime tijd buiten te zetten, zorg er dan voor dat het dier beschutting heeft. Zorg ervoor dat je kat een plaats heeft zonder sneeuw of ijs, bij voorkeur een doos of mand met warme dekens.

Ook nuttig: vul enkele plastic flessen met heet water en leg die in de schuilplaats. Zo heeft je kat een tweetal uren warmte. Zorg er ook voor dat katten die regelmatig buiten zijn, voldoende voedsel hebben om een vetlaagje op te bouwen.

Konijnen

Konijnen kunnen goed tegen de koude, ze hebben het moeilijker bij warme temperaturen. Zorg er gewoon voor dat je konijn beschutting heeft en voorzie voldoende hooi en voedsel. Dek eventueel een deel van het hok af met plastic om het uit de wind te zetten.

Als je het toch niet over je hart kan krijgen om je konijn buiten te laten, kan je het bij erg vriesweer in een koele ruimte binnen zetten. Breng de konijnen niet plots onder in je living, want dan is het temperatuurverschil te groot wanneer je hen nadien terug buiten zet.

Vogels

Vogels kunnen buiten in hun volière blijven zo lang die windvrij is. Wanneer ze rustig op hun stok blijven zitten, worden hun pootjes beschermd door hun verenkleed en kunnen die niet bevriezen. Zorg er ook voor dat hun water niet bevroren is en geef hen eventueel vetrijker voedsel, zoals bijvoorbeeld zonnebloempitten.

Kippen hebben het niet snel koud en lopen overdag graag buiten rond. Ook bij vriesweer vormt dat geen probleem. Belangrijk is dat ze de mogelijkheid hebben om ’s nachts beschutting op te zoeken.

 

 

 

Dierenarts onthult: Wat huisdieren doen, minuten voordat ze inslapen

Afscheid nemen van een geliefd huisdier is heel zwaar. Het maakt niet uit of je harige vriend een lang en gelukkig leven leidde; als het tot een einde komt, is dat verschrikkelijk.

 

Je beste vriend meenemen naar de dierenarts om een ​​einde te maken aan hun lijden is het ergste wat er is.

Ik kan me levendig herinneren dat mijn familie onze hond meenam om te laten inslapen toen ik jong was. Het is een van de meest pijnlijke herinneringen die ik heb, maar ik was ten minste tot het laatst aan zijn zijde.

Ik deed mijn best om sterk voor hem te zijn, omdat ik wist dat hij anders mijn angst zou voelen.

Toen het klaar was, huilde ik een aantal dagen. Ik wist dat hij zich op een betere plaats bevond; een plek waar hij geen pijn meer zou voelen. Maar het was toch hartverscheurend.

Helaas hebben niet alle eigenaren van huisdieren de moed om bij hun dieren te blijven tot hun laatste adem. Ze zijn er niet om ze in slaap te laten vallen; ze geven er de voorkeur aan om de dierenarts de laatste momenten te laten afhandelen.

Nu heeft een dierenarts – die anoniem wil blijven – ervoor gekozen zijn gedachten erover te delen en ze zijn hartverscheurend.

 

De boodschap van de dierenarts:
“Wanneer je een huisdier hebt, is het onvermijdelijk dat je huisdier sterft voordat je zelf sterft. Dus als je je huisdier naar het kantoor van de dierenarts moet brengen voor een humaan pijnvrij einde, wil ik dat jullie allemaal iets weten.

Je bent het centrum van hun wereld geweest tijdens hun HELE LEVEN !!! Het enige wat ze weten is dat jij hun familie bent. Het is een zware beslissing om te nemen en het is verwoestend voor ons als mensen om ze te verliezen. Maar alsjeblieft, ik smeek je, LAAT ZE NIET ALLEEN.

Laat ze niet sterven in een kamer vol vreemdelingen op een plek die ze niet kennen. Jullie moeten weten dat ZIJ JE ZOEKEN ALS ZE JE ACHTERLAAT !!!!

Ze kijken naar elk gezicht in de kamer op zoek hun geliefde persoon. Ze begrijpen niet waarom je ze achterliet als ze ziek, bang, oud of stervend van kanker zijn en ze je troost nodig hebben.

Wees geen lafaard omdat je denkt dat het gewoon te moeilijk voor JOU is, stel je voor wat ze voelen als je hen verlaat in hun meest kwetsbare tijd en mensen zoals ik blijven achter om ons best te doen om hen te troosten, ze minder bang te maken en probeer uit te leggen waarom je niet kon blijven.

Van een vermoeide dierenarts. ‘

 

Bron HLN.be